Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Overeenkomstig art. 32 van het Reglement van orde stelt raadslid Ralf Sluijs, Hart voor Den Haag, de volgende vragen:

  1. Is het college bekend met het artikel ‘Doemscenario voor Marc en z’n snackkar’ (AD Haagsche Courant, 12 november 2025), waarin ondernemer Marc van Muijden zijn wanhoop uitspreekt over het gedwongen vertrek van zijn snackkar en de recente afsluiting van de Maanweg?

  2. Klopt het dat de snackkar uiterlijk op 1 januari 2028 moet verdwijnen vanwege de aanleg van de Vlietlijn?

  3. Wanneer is de ondernemer hierover voor het eerst geïnformeerd, en welke ondersteuning is hem sindsdien concreet geboden?

  4. Waarom heeft de gemeente deze ondernemer, die al sinds 2013 legaal op deze locatie actief is, nog geen alternatieve standplaats aangeboden?

  5. Erkent het college dat ondernemers die worden geraakt door gemeentelijke plannen een rechtvaardige en tijdige compensatie of vervangende plek verdienen?

  6. Is het college bereid actief te helpen bij het vinden van een gelijkwaardige nieuwe locatie op de Binckhorst voor de snackkar, in plaats van slechts “mee te denken”?

  7. Klopt het dat Marc door de afsluiting van de Maanweg meer dan de helft van zijn klanten kwijt is geraakt, en dat hij daarover niet tijdig is geïnformeerd?

  8. Hoe gaat het college ervoor zorgen dat ondernemers in de Binckhorst voortaan tijdig en volledig worden betrokken bij werkzaamheden en bouwplannen?

  9. Is de ondernemer inmiddels gewezen op de mogelijkheid van nadeelcompensatie of een voorschot daarop?

  10. Kan het college toezeggen dat Marc actief geholpen en begeleid gaat worden bij het doorlopen van het traject om tot een voorschot op nadeelcompensatie te komen? Zo nee, waarom niet? 

  11. Kan het college toezeggen de raad binnen vier weken te informeren over de stand van zaken, de voortgang in het vinden van een alternatieve locatie en de maatregelen om de schade voor deze ondernemer te beperken?

Ralf Sluijs
Hart voor Den Haag